Doorgaan naar de inhoud
Uw zoekacties: Transcripties

Transcripties ( Collectie Overijssel locatie Zwolle )

beacon
52.249 transcripties
sorteren op:
 
 
Pagina: 2
 
 
Erfgoedstuk
Scan bij een inventarisnummer
1000 UT Nieuws, 24 (05-03-1987)
Jaargang:
24
Aflevering:
9
Jaar:
05-03-1987
Beschrijving:
Editie 9
Bekijk archieftoegang:


universiteitsblad twente
Pragma adviseert bij opzet cursussen
Vraag naar onderwijs- kundige adviezen
(door Ria Boelens)
Vier nog niet afgestudeer- de TO’ers namen ongeveer een jaar geleden het besluit om samen voor zichzelf te beginnen. Ze bemachtig- den alle vier een TOP- plaats, waardoor ze .een Jaar lang in elk geval verze- kerd waren van brood op de plank en bovendien, nog min of meer beschermd door de UT, de eerste wan- kele schreden op het on- dernemerspad konden wa- gen.


Gesprekken met 0.a. jonge onderne- mers.

In het BTC, bijna letterlijk onder het wakend oog van de UT, werd een klein vertrekje gehuurd van nau- welijks drie bij drie meter en Pragma werd opgericht, een Onderwijskun- dig Bureau voor Advies en Ontwik- kelwerk. De vier ondernemers in onderwijskundige zaken zijn Jan van der Kolk (24), Ton Otten (28), Hans Hagen (28) en Leo Dercksen (27), inmiddels allemaal voorzien van het predikaat doctorandus.
Begin april houdt de TOP-regeling op, wat dus betekent dat Pragma op eigen krachten verder zal moeten en voor vier man een bestaan moet opleveren. Lukt dat? Leo Dercksen, woordvoerder van de vier: ’We heb- ben ons vorige week uitgebreid met de prognoses voor het lopende jaar bezig gehouden en daarin geen re- den gezien om te stoppen. En die prognoses zijn gebaseerd op wat we voor het lopend jaar nu al aan dagde- len werk in onze orderportefeuille hebben.’
Pragma wordt gevormd door (van links af) Leo Dercksen, Ton Otten, Jan van der Kolk, en Hans Hagen.
Is een aantal van vier ’firmanten’ niet erg veel om mee te beginnen? Leo Dercksen: ’Misschien wel. Maar toen we nog studeerden waren we vrienden -nog steeds trouwens- en op het moment dat we besloten de stap te wagen waren we met zijn vie- ren. Als je al mocht vinden dat dat teveel is, wie moet er dan afvallen?’ Nog afgezien van dit ’startprobleem’ zitten er volgens Leo Dercksen méér onpractische kanten aan een ’vier- manschap’: ’We hebben niet één directeur die beslissingen neemt, waardoor het wel eens voor kan komen dat we over futiliteiten uren- lang kunnen debatteren. Práctische kanten zitten er echter ook aan: ieder van ons is in zijn eigen project directeur. Met vier onderwijskundi- gen heb je een grote flexibiliteit in je planning en kun je veel verschillende dingen aan. Tot nu toe hebben we ons niet gespecialiseerd. In principe doet ieder van ons alles. Misschien dat we op den duur naar specialisa- ties toegroeien.’
Markt
Al tijdens de studie werkte het vier- tal samen. Dercksen: ’In het kader van student-assistentschappen heb- ben we, weliswaar in verschillende samenstellingen, samen opdrachten gedaan. We kwamen tot de ontdek- king dat er eigenlijk genoeg werk was in de sfeer van onderwijskundi- ge dienstverlening en we vermoed- den dat er een markt voor zou zijn. We zijn toen naar een voorlichtings- bijeenkomst voor de TOP-regeling gegaan en hebben ook inderdaad alle vier een TOP-plaats gekregen. Dat is wel ideaal: je hebt een halve baan bij de vakgroep en in de andere helft kun je proberen je eigen zaak tot ontwikkeling te brengen, terwijl je in je vakgroep alle faciliteiten ter beschikking staan om die start te maken ’
Kaliber
Pragma heeft tot nu toe geen proble- men gehad met het verwerven van opdrachten. Dercksen: ’We hebben eigenlijk nooit duidelijk reclame hoeven te maken. We kregen de eerste opdracht binnen via de uni- versiteit en later liep dat via contac- ten met andere bureaus en ook via andere informele contacten. We kunnen nu constateren dat ook het kaliber van de opdrachten steeds hoger wordt.’ :

Wat doet Pragma precies? Derc- ksen: ’We verlenen onderwijskundi- ge diensten, en dan speciaal voor bedrijven. We geven adviezen en verlenen ondersteuning bij het ont- wikkelen van opleidingen en cursus- sen. We geven dus zelf géén cursus- sen. Dat we ons beperken tot het be- drijfsleven vindt zijn oorzaak in het feit dat ’gewone’ scholen geen geld hebben om gebruik te maken van onze diensten. Wel hebben we plan- nen om ons bezig te houden met de automatisering binnen scholen; we hebben onlangs op de Nationale On- derwijs Tentoonstelling gestaan met programmatuur voor scholen, voor- namelijk op administratief gebied. Verder houden we ons bezig met dataverwerking voor instanties als SLO en bijvoorbeeld een Pedago- gisch Centrum in Den Bosch.’
Nieuwe poot
Niet alleen is Pragma inmiddels bin- nen het BTC verhuisd naar een gro- tere ruimte, het afgelopen najaar is een ’nieuwe poot’ van Pragma in het leven geroepen, namelijk de OPGN, wat staat voor de Onderwijskundige Produkten Groep Nederland. Derc- ksen: ’Je kunt zeggen dat Pragma zich bezighoudt met de onderwijs- kundige dienstverlening voor bedrij- ven, en dat de OPGN zich bezig houdt met het verkopen van softwa- re en eventueel ook hardware op onderwijskundig gebied. We heb- ben die aktiviteiten puur op practi- sche gronden gescheiden. Het risico is bij de OPGN veel groter. Je hebt kans dat de gebruiker software, die door ons als goed beoordeeld is, niét goed vindt, omdat hij er bijvoor- beeld onoordeelkundig gebruik van maakt. Wij willen dan niet dat ’de smet’ op Pragma overgaat. De OPGN bestaat financieel gezien slechts bij de gratie van Pragma, maar de aktiviteiten zijn interessant voor de toekomst.’
Rust
Over die toekomst meent Dercksen: ’We hebben ons het afgelopen jaar geen zorgen hoeven maken. We hebben de zaken op een rijtje gezet. Dat brengt een hoop rust. Nu zullen we onze contacten moeten zien te behouden en uit te breiden. We hopen -en verwachten het ook- dat we zullen blijven bestaan.’
: -*fi!a………„‚w
5 maart 1987
Andries Kasper
pagina 5

’Ik ben ’n glijder’
(door Harold de Boer)
Bij de UT- schaatsclub De Skeuvel begon hij te schaatsen. Enige jaren later werd hij als Nederlands Stu- dentenkampioen beloond met de Stheeman-bokaal. Afgelopen week- end reed hij de laatste wedstrijd voor de Aegon-trophy. De tweede plaats in het eindklassement was zijn deel. Ex-TW-student en bekend mara- thonschaatser ir. Andries Kasper rijdt liever voor zestienduizend man publiek dan voor lege tribunes. Twee uur voor de start van de finale van de Aegon-trophy is het gezellig in de kantine van ijsstadion 'Stad- spark’ in Groningen. De binnenko- mende schaatsers begroeten elkaar alsof ze samen uit stappen gaan. Het is ook al bijna een week geleden dat ze elkaar voor het-laatst gezien-heb- ben. De mannen van de marathonen hun fans; iedereen kent iedereen. Dat is nu precies wat Andries Kasper het leuke vindt van deze sport. Na zijn langebaan-carrière is hij ermee begonnen ’om het een of twee jaar- tjes mee te maken'. Maar het plezier in de sport en het ’vreselijke leuke wereldje’ houden hem voorlopig nog wel op de baan.
Erkenning
Tussen 1971 en 1981 studeerde An- dries toegepaste wiskunde aan de THT. In die tijd bond hij voor het eerst de ijzers onder: de eerste jaren niet zo serieus, maar daarna steeds fanatieker. Het resulteerde onder andere in het winnen van de Neder- landse _ Studentenkampioenschap- pen langebaan, hetgeen hem de Stheemanbokaal, de prijs die jaar- lijks uitgereikt wordt aan een TH- student die goede studieresultaten paart aan goede sportprestaties, op- leverde. Andries: „Dat was op dat moment een leuke erkenning. Ik kan niet zeggen dat ik daardoor harder ben gaan schaatsen. Maar wanneer je veel en hard traint, is het leuk dat dat op zo’n manier onderkend wordt. Dat vindt iedere sportman leuk. Het mooie van die bokaal is ook dat er gekeken wordt naar de combinatie van sport en studie. Je kunt als student natuurlijk ook top- sport bedrijven door nooit een voet over de drempel van een collegezaal te zetten
Tijdens zijn studie heeft Andries ook de onderwijsbevoegdheid ge- haald. Nu geeft hij les aan een Heao- school in Arnhem. Andries: „Top- sport en een 40-urige werkweek zijn amper goed te combineren. Je zou dan dicht bij huis moeten trainen, maar ik moet iedere keer naar De- venter voor de schaatstraining. Van- daar dat ik vanaf dit jaar een 2/3- baan heb. Die extra ’vrije’ tijd is wel in de prestaties tot uiting gekomen. Misschien dat ik nog meer progressie zou maken wanneer ik voor halve dagen zou werken, maar dat heeft ook weer z’n nadelen. Ik kan niet schaatsen tot mijn pensioen. Van
Voorbeeld : Klik op de tekst voor meer
Organisatie: Collectie Overijssel locatie Zwolle
 
 
 
 
 
Erfgoedstuk
Scan bij een inventarisnummer
1000 UT Nieuws, 24 (05-03-1987)
Jaargang:
24
Aflevering:
9
Jaar:
05-03-1987
Beschrijving:
Editie 9
Bekijk archieftoegang:

:
e

pagina 6

5 maart 1987
universiteitsblad twente
. Cryptogram vrije stijl
# x;?;
De niet alledaagse hobby van G. Hòöfgen
Wetenschappelijke aanpak bij kweken van orchideeën
(door Menno van Duuren)
De één bouwt op schaal de Oosterscheldedam na, de ander houdt achter in zijn tuin een kas vol orchideeën op temperatuur. G.L. Höf- gen, sinds 1981 technisch medewerker van het Sen- soren en Actuatoren lab van de faculteit Elektro- techniek, is de volgende in de serie afleveringen over UT-ers met niet alledaagse hobby’s.
Höfgen houdt zich al tientallen jaren bezig met de „op één na grootste bloemplantenfamilie van Europa” en heeft ondertussen een respecta- bele kennis opgebouwd van hele fa- milies van de circa 30.000 orchi- deeënsoorten die er bestaan. Een bioloog van de Utrechtse universi- teit die zich eens in zijn gehoor bevond tijdens een van zijn lezingen in den lande, meende zelfs met een academische vakbroeder te maken te hebben vanwege de wetenschap- pelijk aanpak die Höfgen in zijn voordracht aan de dag legde.
„De meeste liefhebbers en kwekers van orchideeën hebben het liefste goeie recepten voor het krijgen van mooie bloempjes in hun planten, maar ik interesseer me het meest voor dingen als de taxonomie, de systematiek van soorten, geslachten en families, de bloembiografie, de geografische verspreiding en de me- chanismen daarin. De laatste tijd is de kennis daarover nog veel gediffe- rentieerder geworden door elektro- microscopische onderzoekingen”.
Venezuela
Maar Höfgen put zijn kennis niet al- leen uit tientallen naslagwerken. Een kleine tien jaar geleden maakte hij in het kader van het nodige veld- werk met een vijftal gelijkgestem- den zelfs een reis kris-kras door Venezuela. „Niet met een landrover ofzo, want die kon je daar niet hu- ren, maar met twee 8-cilinder Dod- ge, van die oude Amerikaanse bak- ken. Daar hebben we twee weken
lang vijfhonderd kilometer per dag mee afgelegd langs plaatsen waar we speciale orchideeën wilden zien”. Behalve achtentwintig lekke banden leverde de operâtie Höfgen en zijn expeditie een schat aan informatie en fotomateriaal op. „Als we aan de plaatselijke Indiaanse bevolking een dia lieten zien van een bepaalde orchidee die we zochten wisten ze vaak onmiddellijk waar er een exem- plaar te vinden was en dat werd dan aangeduid in de trant van ’vier dagen lopen hier vandaan staat daar en daar die en die orchidee’. Kijk, ’nor- male’ mensen hebben geen band met die planten, maar die Indianen heb- ben dat wel en het leuke is dan dat wij net zo goed thuis zijn in die plantenwereld als de mensen die daar wonen”.
Milieus
In tegenstelling tot wat de meeste le- ken zich voorstellen, komt het groot- ste aantal orchideeënsoorten niet in warme en vochtige Amazone-ach- tige gebieden voor maar in hoogge- legen streken zoals Venezuela die veel kent. „Dat komt, aldus Höfgen, „doordat in vlakke gebieden het mi- lieu voor de planten bijna overal gelijk is. Het kan best zijn dat die vlaktes dicht begroeid zijn, maar veel verschillende soorten zul je daar dan niet tussen vinden. In de bergen heeft bijna iedere vierkante meter een andere vochtigheid, een andere lichtinval, een andere temperatuur: je hebt daar heel veel verschillende milieus op een klein gebied bij el- kaar en dus ook heel veel verschil- lende soorten”.
Höfgen bezat ooit de meest comple- te collectie van een bepaald orchi- deeëngeslacht in Nederland, maar hij legt zich nu meer toe op de meest attractieve, grootbloemige soorten als de barokke Cattleya’s en de Lae- lia’s. „Waar ik me minder voor inte- resseer, dat zijn de commerciële soorten die speciaal en massaal ge- kweekt worden om ze lang op tafel te kunnen laten staan. De exemplaren die ik heb, dat zijn individuen, die bloeien eens in de paar jaar één dag”.
Groene duim
Ruim zeshonderd soorten kweekt Höfgen nu in zijn kas achter in zijn
tuin. Wat daar volgens hem voor nodig is, is een „groene duim” (het vermogen om te zien wat elke plant afzonderlijk nodig heeft) en het spenderen van zo’n 350 gulden per jaar (”iets minder dan aan roken”) aan verwarmingskosten voor de kas: zonder verwarming leggen de plan- tjes het in de winter binnen een uur af. De waarde van zijn collectie schat Höfgen op vele duizenden guldens. „Voor de meeste leken is een orchi- dee het toonbeeld van een sjieke, ex- clusieve, extreem esthetisch ge- vormde bloem. De formele bouw en de voortplantingsmechanismen van sommige soorten zijn inderdaad heel ingewikkeld (en voor mij is het de intelligentste plant die er bestaat), maar in feite is er ook niets zo bescheiden als een orchidee: er zijn soorten die op een kaal rotsblok groeien, niet groter worden dan een paar millimeter en in tien jaar tijd twee tot drie gram voedsel tot zich nemen”.

Conferentie. De Europese associatie voor onderzoek en ontwikkeling van het hoger onderwijs houdt van 22-25 april in Utrecht een congres over ’Higher education en new technolo- gies’. Vier thema’s komen aan de orde: computerondersteund onder- wijs in het hoger onderwijs, automa- tisering in onderwijsbeleid- en be- heer van de instellingen, onderwijs- kundige ondersteuning en onderwij- stechnologie voor de derde wereld.


2






Horizontaal
5. Krijgt de kogel omdat hij met een stok loopt. (11) 7. Ter opening van een hoofddeksel. (12) 9. Maatschappijleer. (12) 12. Resultaat van een bonte ontwikkeling. (11) 14. Hoeveelheid die je aan de haak slaat. (4) 15. Aanvankelijk gerecht. (6) 16. Deze groet slaat alles. (9) 17. Stut in een waterkering. (7) 19. Tijdelijk sluiten om bomen. (8) 20. Die klap snijdt geen hout. (5)
Verticaal
aa
‚ Het achterstevoren. (18) Door die dwerg komt de poes naar bin nen. (12) 3. Door die maten kom je vast te liggen. (6) 4. Het kind onder de vogels. (4) 6. Uitgeslapen raad. (3) 8. De noot verkeerd in een bak. (4) 10. Soldaten die staalpillen slikken. (11) 11. Stappen bij de deur. (7) 13. Goed ruim zitten bij het filmen. (9) 18. Bovenmatig van de Moren. (5)
n
E p E E S MM = E e
E # D
e e # E e n aa e MMM






Winnaar vorige raadsel: A. B. van Leeuwen, Calslaan 46-12,7522 MG Enschede. Profici- at, de bon van f 25.- is onderweg.
Nieuwe inzending vóór maandag 16 maart 17.00 uur. Succes!
Oplossing raadsel 19 februari:
U GB AFVALWEDSTRYD PEA AE
UITRUSTINGSSTUK G EGIOMEEN EN VAARBOOM AANLEG PEAOIRE B A N LOONDERVING REENAEE 49 6 VERMANEN TALK s@ BEZEMWAGEN
RisD OO VEEHOUDER
ER RRM K
D IENAAR i EE ONGEMEEN
NNN T

Meer salaris Nijmeegse 410
De assistenten in opleiding (aio’s) van 23 jaar en ouder krijgen door de Katholieke Universiteit Nijmegen ruim tweehonderd gulden meer sala- ris uitbetaald dan hun collega’s el- ders in het land. Volgens het Nij- meegse collegelid drs F. Hormann is dit niet conform het beleid van het college van bestuur.
Het zou om een fout gaan in het sy- steem van salarisverwerking van de universiteit. Het college wil zo snel mogelijk de gemaakte fout corrige- ren en het salaris weer terugbrengen

Fanaadsel
De puzzel met de pentomino’s bleek nogal las- tig te zijn. Er waren slechts vijf inzendingen, waarvan er maar twee een oplossing met 18 gaten gaven. Of er oplossingen met nog meer gaten bestaan is niet zeker, n bijgaande figuur is het 19e gat helaas net niet bereikt… Er zijn in elk geval wel veel verschillende oplossingen met 18 gaten, en meer dan 24 is onmogelijk, zoals de heer Göbel bewees. Wie stelt deze grens scherper?
De nieuwe opgave is nr. 122 en luidt als volgt: Op een dag komt mevrouw Snel op het station en neemt daarbij één trede per seconde en is na 8 seconden boven. Enkele dagen later reist ze weer met de trein en heeft nog meer haast, zodat ze nu dezelfde roltrap met twee treden per seconde opspringt. Na 6 seconden is ze bo- ven. De vraag is nu hoeveel treden van de rol- trap in ruststand zichtbaar zijn tussen de bega- ne grond en het perron?
Voorbeeld : Klik op de tekst voor meer
Organisatie: Collectie Overijssel locatie Zwolle
 
 
 
 
 
Erfgoedstuk
Scan bij een inventarisnummer
1000 UT Nieuws, 24 (05-03-1987)
Jaargang:
24
Aflevering:
9
Jaar:
05-03-1987
Beschrijving:
Editie 9
Bekijk archieftoegang:




universiteitsblad twente
Ex-minister Winsemius op congres STW:
Driecentra voor micro- _ a elektronika uit de tijd
Hoe kan Nederland ervoor zorgen dat we mee blijven draaien aan de internationale top, in een tijd waarin de veranderingen in de technologie zich in zeer hoog tempo voltrekken. Ex-minister dr. P. Winsemius, nu directeur van McKinsey & Company Inc., formuleerde een aantal antwoorden in zijn met vergelijkingen uit de sportwereld doorspekte betoog op het eerste lustrumcongres van de Stichting voor de Technische Wetenschappen, een be- langrijk tweedegeldstroomfonds, vrijdag 27 februari in
Bussum.
”We moeten in Europa beseffen dat we elkaar nodig hebben. Het is vol- strekt uit de tijd om drie centra voor micro-elektronica op te zetten met te weinig geld voor één”.
Deze uitspraak leverde Winsemius een spontaan en demonstratief ap- plaus op, maar volgens hem was dit eerder om te huilen, want zolang je dat doet kun je meedraaien aan de top wel vergeten en moet je tevreden zijn met een vijfde of zesde plaats”.
Fusies
Dat hetzelfde geldt voor bedrijven blijkt volgens Winsemius ondermeer uit het toenemende aantal fusies dat wordt aangegaan teneinde gemeen- schappelijk de concurrentiekracht te kunnen vergroten-ten opzichte van bedrijven uit Japan en de Verenigde Staten. „Zelfs wat wij zien als grote multinationals, is te klein om de risico’s te dragen die het volgen van de zich steeds sneller voltrekkende nieuwe ontwikkelingen met zich meebrengt. We moeten ook niet ver- geten dat bedrijven in de EG te maken hebben met een groot aantal wisselende omstandigheden op hun gemeenschappelijke markt terwijl Japan en de VS op hun binnenlandse markt telkens onder dezelfde om- standigheden kunnen opereren: een Nederlands bedrijf bijvoorbeeld speelt binnen de EG maar één thuis-
wedstrijd tegen elf uitwedstrijden, *
een Japans of Amerikaans bedrijf speelt veel vaker thuis”.
Nabouwen
Mogelijkheden om te scoren zijn er volgens Winsemius echter wel dege- lijk, maar dan moet alle aandacht, energie en geld gericht worden op bepaalde gebieden waarin men echt goed wil zijn. Anderzijds moeten achterstanden, die op bepaalde ge- bieden opgelopen zijn, ook ruiterlijk erkend worden „maar dat is in Ne- derland kennelijk nog een pijnlijke zaak. Ik heb in Japan apparaten zien liggen roesten waarmee stikstofoxi- de uit industriële afvalgassen ge- haald kan worden, terwijl er in Ne- derland nog veel geld en moeite in het onderzoek wordt gestopt. Maar

G. de Kruiff: … samenwerking in beperkte mate.….

'P. Winsemius:
… liever nabouwen...
het heeft geen enkele zin om de Japanners op dat gebied nog in te willen halen. In zo’n geval moet je doen waar ze zelf groot mee zijn ge- worden: die dingen kopen en in licentie nabouwen”.
Als Nederland zijn positie interna- tionaal gezien wil handhaven en uit- breiden zal men regelmatig zijn visi- tekaartje moeten kunnen afgeven door middel van nieuwe technolo- gieën. Weliswaar wordt in Neder- land het meeste verdiend aan de producten van ’technologievolgende bedrijven’, maar het is van het groot- ste belang dat de ’technologie-gene- rerende bedrijven’ als trekpaarden blijven fungeren, aldus Winsemius.
Waarschuwing
Ir. G.T. de Kruiff, directeur van Philips Industrial and Electro- Acoustic Systems, ging ondermeer in op de verschillende motivatie en drijfveren van een wetenschapper en een ontwikkelaar in de industrie en deelde daarbij een waarschuwing uit: „Uiteraard is een wetenschappe- lijke bijdrage van een ontwikkelaar niet verboden en is een ontwikkel- bijdrage van een wetenschapper mooi meegenomen, maar de goede kop moet wel op de goeie romp blijven staan”. Samenwerking tus- sen wetenschappelijke instituten en (kleine) ondernemingen moet vol- gens De Kruiff een gecontroleerd proces zijn en beperkt van omvang zodat wetenschappelijke instituten niet denatureren tot industriële ont- werpgroepen. Wetenschap en tech- niek, universiteit en bedrijf zijn bu- ren van elkaar. Goede vrienden blij- ven met je buren vereist dat voor geen van beiden onduidelijk is waar de schutting staat en waar de gaten in de heg zitten”.
R&D een must
Shell-president dr. A. C. Helfrich be- nadrukte in zijn redevoering, dat onderzoek en ontwikkeling een must is voor winstgevendheid en continuiï- teit, niet alleen voor Shell en zijn grote broers, maar voor het Neder- landse bedrijfsleven in zijn totaliteit.
„De kunst van het ondernemen is nu om zodanig te investeren en te orga- niseren dat je bedrijf minder toe- komstgevoelig wordt. Dit is alleen mogelijk door een continu en zich steeds weer vernieuwend onderzoek naar eigen kunnen, nationaal en in- ternationaal. In een tijd van snelle veranderingen, veel ontwikkelingen en veel research komt de industrie er niet zonder een grote flexibiliteit”. Een stimuleringsbeleid van de over- heid dat met name ook het midden- en kleinbedrijf tracht te bereiken heeft volgens Helfrich een economi- sche betekenis die deze sector ver overstijgt, omdat grote ondernemin- gen zich zonder uitzondering in toe- nemende mate op hun hoofdactivi- teiten concentreren en steeds meer een beroep doen op de dienstbaar- heid en de kunde van het midden- en kleinbedrijf.
Geen instituut
Verder betuigde Helfrich (mede na- mens het Verbond van Nederlandse Ondernemingen) steun aan het stre- ven van de STW om meer geld los te krijgen van het ministerie van Eco- nomische Zaken. Hij riep regering en parlement op om eens na te den- ken over hun keuzes en te voorko- men dat onderzoek en ontwikkeling in de kiem gesmoord worden. Hel- frich sprak de wens uit dat de Com- missie Dekker niet met het plan komt om een apart technologieinsti- tuut op te zetten, want „de verant- woordelijkheid voor technologisch onderzoek en ontwikkeling hoort bij het ministerie van EZ”.

A.C. Helfrich: ….geen apart technologie-instituut…

(ADVERTENTIE)

Strijd om Aids-patiënten; de Twee van Breda
In VN: de strijd op leven en dood om Aids-patiënten. Even opmerkelijk: gesprek mel! Peter Gauweiler, Beiers s(aatssecretaris voor politiezaken, veiligheid en Aidsbestrijding.
De Twee van Breda: wie zijn het, en voor- al: wat deden ze eigenlijk.
De gifwolk in Alphen a.d. Rijn: hoe rea- geerden de rampendiensten op zo’n onver- wacht, 30 gewonden eisend, ongeluk.
Khadaffi; Sean Connery
Bezoek aan Khadaffi: opgeruimd gaat hij er opnieuw tegenaan. Sean Connery: zonder mijn Shakespeare-{raining was ik nooit zo’n goede James Bond geweest.
Jan Wolkers: meer liefs over Multatuli.
In de bijlage: het China (in foto’s) van
Koen Wessing. Bofkont: de nieuwe Harry Mu-
lisch. Tom Stoppard over Hemingway.
Lees naast uw krant

E dE Û
5 maart 1987 | pagina 7
De boekwinkel in de Vrijhof verhuist binnenkort naar de Drienerburght. Voor de beschikbare ruimte zijn verschillende kandidaten.
Congresgebouw leidt tot herkaveling in Vrijhof
Het naderen van de opleveringsdatum van de Drienerburght, het logies- en congrescentrum op de campus- eind augustus- houdt de gemoederen aardig bezig. Voor Vrijhof en Bastille heeft de komst van het nieuwe centrum allerlei ruimtelijke consequenties.
'We zijn bezig in de Vrijhof de verschillende mogelijkheden te bekijken’, meldt Rob de Koning, rechterhand van directeur campusvoorzieningen Bout. ’De boekwinkel verhuist naar de Drienerburght, en voor die oude stek is veel belang- stelling. De ruimte wordt onder andere genoemd als vestigingsplaats voor de we- tenschapswinkel, als extra vergaderruimte en als oefenruimte voor cultuur. Wat we ook kiezen, het zal de nodige interne verhuizingen opleveren, èn het nodige gepieker, want iedereen in de Vrijhof kampt met ruimte en heeft wel een lijstje wensen op het programma.’
Ook in de Bastille is de beschikbare ruimte nog eens in kaart gebracht en afgezet tegen het aantal te verwachten eters. Adjunct-restaurateur K. van Olffen wijst ge- ruchten als zou de mensavloer verkleind worden ten behoeve van Driener- burght-gasten, van de hand. ’De mensa zit altijd goed vol, en daar zijn we in de eerste plaats voor ingehuurd. Met het restaurant-oppervlak kan, dankzij het flexibele systeem van de schuifdeuren, nog wel het één en ander geregeld wor- den.’ De Bastille-leiding heeft daarentegen wel een oogje laten vallen op de vide boven de sociëteitsbar. ’Die ruimte zou natuurlijk zeer geschikt zijn om bij het restaurant te trekken’, oppert Van Olffen. ’Opdrukke dagen; als er symposia zijn bijvoorbeeld, komen we nu al accommodatie tekort. Als er dan nog een golf congresgangers of cursisten uit de Drienerburght bij opgevangen moet worden, voorzie ik wel problemen.’
Voorbeeld : Klik op de tekst voor meer
Organisatie: Collectie Overijssel locatie Zwolle
 
 
 
 
 
Erfgoedstuk
Scan bij een inventarisnummer
1000 UT Nieuws, 24 (05-03-1987)
Jaargang:
24
Aflevering:
9
Jaar:
05-03-1987
Beschrijving:
Editie 9
Bekijk archieftoegang:
s
e r a

pagina 8
e
REISBURO ZOMERVAKANTIE 1987 S ARKE
5 maart 1987
Haal nu de reisprogramma'’'s
universiteitsblad twente
INHET BB GEBOUW NAAST DE REPRO VOOR AL UW PRIVE-, ZAKEN- EN GROEPSREIZEN TOESTEL 2040 TEL. 053-358065





Kopij - getypt en bondig aanleveren vrijdags vóór 9.00 uur, maar liever al begin van de week, bij de redactie-as- sistente, kamer 203, BB-gebouw. Be- langrijke correcties kunnen aan haar worden doorgebeld maandags tot 11.00 uur, tel. (389) 20 29.

vacatures
Het buro Bemanningszaken van P en O heeft 0.a. een taak in het loopbaanbeleid van de UT. Eén van de hulpmiddelen van dit beleid is de interne sollicitatieprocedure waarbij bepaald is dat vacatures worden bekendgemaakt in onderstaande rubriek waarin wordt vermeld: afdeling, funktie- naam, eisen en nivo. Voor uitgebreide in- formatie kunt u zich wenden tot het buro Bemanningszaken. Op verzoek wordt u een uitgebreide advertentietekst toege- stuurd. U kunt solliciteren door binnen 10 dagen na het verschijnen van de vacatu- re(s) een intern sollicitatieformulier aan te vragen bij P en O of in de vacature genoem- de afdelingsdienst en deze terug te zenden aan betrokken afdelingsdienst (tenzij in de advertentie anders is aangegeven). Daarnaast zijn de personeelsadviseurs P en O altijd bereid tot een persoonlijk gesprek over de geboden vacatures. Het buro be- schikt tevens over informatie betreffende „vacatures bij de gehele rijksoverheid” (tel. 22 23/22 34). In het kader van het streven van de Universiteit Twente naar een even- wichtige man/vrouw-verhouding in de per- soneelsopbouw, worden vrouwen die voor deze funktie in aanmerking denken te ko- men, uitdrukkelijk uitgenodigd te sollicite- ren.

Bij de faculteit Informatica bestaat een plaats voor een
Medewerker onderzoek (m/v) 87/A041 t.b.v. het onderzoekproject Ontwerp van gegevensbanken.
Het onderzoek richt zich op het ontwerpen en implementeren van een gegevensbank- systeem voor nieuwe toepassingen (CAD- /CAM, kantoorautomatisering). Hiertoe moeten allerlei aspecten van gegevens- banksystemen (architectuur, opslagstruk- turen, recovery) opnieuw worden be- schouwd en zullen adequate oplossingen moeten worden ontwikkeld. Er wordt een prototype ontwikkeld, dat zowel de nieuwe alsook de oude (administratieve) toepassin- gen ondersteunt.
Eisen:
— Doctoraal examen Informatica.
— Zo veel mogelijk kennis 0.g.v. gegevens- banken en gegevensbanksystemen.
Taken:
De medewerker onderzoek zal uitsluitend voor het onderzoek worden ingezet en dient de ontwikkeling van het prototype te onder- steunen.
Aanstelling:
In tijdelijke dienst voor een periode van 4 jaar.
Niveau:
Salaris is afhankelijk van opleiding en erva- ring en ligttussen f 3.196.- en f 6.024.- bruto per maand.
Inlichtingen:
Dr. H. M. Blanken, tel. 053-89 36 89 (INF), 05423-8 24 82 (thuis).
Sollicitaties richten aan Universiteit Twen- te, Faculteit Informatica, t.a.v. D. J. J. Vinke, Postbus 217, 7500 AE Enschede, onder ver- melding van vacaturenummer 87/A041.

Bij het Laboratorium voor Produktietech- niek van de faculteit der werktuigbouwkun- de bestaat een vacature voor Ontwikkelaar technische software 87/A050 Gedacht wordt aan een informatica-inge- nieur op HBO-niveau of gelijkwaardig. Er- varing met het programmeren in Fortran strekt tot aanbeveling.
Aanstelling geschiedt voorlopig voor een periode van twee jaar.
Inlichtingen bij prof. dr. ir. H. J. J. Kals of ir.
F. J. A. M. van Houten. Tel. 053-89 25 20. Deze advertentie zal gelijktijdig extern ge- plaatst worden.

De Faculteit der Chemische Technologie zoekt
13 assistenten in opleiding (aio's) m/v voor promotie-onderzoek
Bij verschillende vakgroepen van de facul- teit kunnen aio's worden aangesteld voor het uitvoeren van onderzoek, dat gericht zal zijn op afsluiting met een promotie. Daar- naast ontvangt de aio nadere opleiding; daartoe zal een opleidings- en begelei- dingsplan voor de individuele promoven- dus worden gemaakt. Gedurende de aan- stelling kan de aio voor maximaal 20% van de werktijd worden ingezet voor het geven van onderwijs.
Voor 13 personen bestaat de mogelijkheid onderzoek te verrichten op één van de vol- gende gebieden:
Vakgroep macromoleculaire chemie & ma- teriaalkunde: membraantechnologie. 87/A057 - Onderwerp 1: Membraanvor- ming in systemen waarbij twee polymeren in oplossing tot ontmenging worden ge- bracht; zowel de thermodynamische als de kinetische aspecten van ontmenging wor- den hierbij bestudeerd (SON-promotie- plaats). Inlichtingen: Prof. dr. C. A. Smol- ders, tel. 053-89 29 51 of Dr. ing. M. H. V. Mulder, tel. 053-89 29 64.
87/A058 - Onderwerp 2: adsorptie uit wate- rige oplossingen aan gesuspendeerde ad- sorbentia, in combinatie met membraan- scheiding: de membraanmodule als ver- vanging van het gepakte bed. Het betreft een gezamenlijk project van de vakgroepen Macromoleculaire Chemie & Materiaalkun- de en Procestechniek.
Inlichtingen: Prof. dr. C. A. Smolders, tel. 053-89 29 31 of Dr. ir. I. G. Rácz, tel. 053- 89 30 19.
Biomedische materiaaltechniek
87/A059 - Onderwerp: Het project is gericht op de ontwikkeling van nieuwe micropo- reuze polymere structuren om een effectie- ve filtratie van witte bloedcellen uit bloed- celconcentraten te bewerkstelligen. Inlichtingen: Prof. dr. J. Feijen, tel. 053- 89 29 76.
Vakgroep organische chemie:
87/A060 - Onderwerp 1: Synthese van ma- crocyclische receptormoleculen (SON-pro- motieplaats).
87/A061 - Onderwerp 2: Complexering van neutrale moleculen met behulp van macro- cyclische polyethers (SON- promotie- plaats).
87/A062 - Onderwerp 3: Selectieve com- plexering van ureum.
87/A063 - Onderwerp 4: Synthese van bio- reductieve cytostatica. Inlichtingen over de 4 bovengenoemde onderwerpen zijn te ver- krijgen bij Prof. dr. ir. D. N. Reinhoudt, tel. 053-89 29 81 of 074-91 92 92 (privé).
Vakgroep chemische fysica:
87/A064 - Onderwerp: Onderzoek naar de chemische reacties aan moleculen welke aan het grensvlak van (half)geleiders en op- lossingen geadsorbeerd zijn: beïnvloeding van de processen langs electrochemische weg (electrokatalyse). Methoden: electro- reflectie en electrochemie. Inlichtingen: Prof. dr. D. Feil, tel. 053-89 29 49.
Vakgroep chemische analyse:
87/A065 - Onderwerp: In het kader van pro- jectgericht op ontwikkeling van geautoma- tiseerde analysemethoden zal een expert- systeem voor de opheldering van mecha- nismen van electrode reacties ontwikkeld moeten worden. Inlichtingen: Prof. dr. W. E. van der Linden, tel. 053-89 29 80 of Dr. ir. M. Bos, tel. 053-89 29 80.
Vakgroep anorganische chemie materiaal- kunde & katalyse: Anorganische materiaal- kunde
87/A066 - Onderwerp 1: Vormingsmecha- nismen van (gemodificeerde) keramische membranen. Onderzoek naar synthese pa- rameters van langs natchemische weg ge- maakte poreuze, keramische membranen en in het bijzonder de rol van spanningsre- laxaties op poriegrootte en -verdeling en foutvorming. Inlichtingen: Prof. dr. ir. A. J. Burggraaf, tel. 053-89 29 59 of Dr. ir. K. Kei- zer, tel. 053-89 29 98.
87/A067 - Onderwerp 2: synthese en karak- terisering van anorganische materialen met hoge taaiheid, verkregen door fase over- gang van zirconia en/of oppervlaktebehan- deling. Dit leidt tot keramische composie- ten met verbeterde mechanische eigen- schappen (IOP-project). Inlichtingen: Prof. dr. ir. A. J. Burggraaf, tel. 053-89 28 59 of Dr. A. J. A. Winnubst, tel. 053-89 29 94.
Vakgroep procesbeheersing & milieube- heer: Technisch milieubeheer.
87/A068 - Onderwerp: Binnen het deelpro- ject Modellering van biologische processen zal onderzoek worden verricht op het:ge- bied van de identificatie en modellering van de afbraak van toxische verbindingen bij de aerobe zuivering van industrieel afvalwater met het oog op sturing van het proces. In- lichtingen: Dr. ir. G. van Straten, tel. 053- 89 28 99.
Voorbeeld : Klik op de tekst voor meer
Organisatie: Collectie Overijssel locatie Zwolle
 
 
 
Pagina: 2