Doorgaan naar de inhoud
Uw zoekacties: Transcripties

Transcripties ( Collectie Overijssel locatie Zwolle )

beacon
52.244 transcripties
sorteren op:
 
 
Pagina: 1
  • vorige | 
  • 1 | 
  • 2 | 
  • 3 | 
  • 4 | 
  • 5 | 
  • 6 | 
  • 7 | 
  • 8 | 
  • ... | 
  • volgende
 
 
Erfgoedstuk
Scan bij een inventarisnummer
1000 UT Nieuws, 24 (05-03-1987)
Jaargang:
24
Aflevering:
9
Jaar:
05-03-1987
Beschrijving:
Editie 9
Bekijk archieftoegang:


universiteifsbla

{weníe


Eerste ronde Strategisch Plan afgesloten
Faculteiten moeten nu hun profiel aangeven
De faculteiten van de UT krijgen binnenkort door het CvB een. soort vragen- lijst voorgelegd waarop ze dienen in te vullen wat de kern is van hun onderzoe- kactiviteiten voor de ko- mende jaren. Het definie- ren (terwille van hun profi- lering) van deze door het CvB genoemde ’core busi- ness’ is de volgende stap in het algehele proces dat moet leiden tot de vaststel- ling- in juni door de Uni- versiteitsraad- van het Stra- tegisch Plan van de UT. Het CvB heeft vorige week een nieuwe nota vastge- steld waaruit dit blijkt.
Met dit werkstuk gaat het CvB de tweede ronde in. De eerste ronde over de strategie van de UT voor de jaren negentig is vorige week afge- rond. Faculteiten, hoogleraren, de centrale commissies voor onderwijs en onderzoek, de diensthoofden, het college van dekanen en de Raad

Ruimte. Er blijft verschil van mening bestaan tussen het ministerie van O&W en de universiteiten over de ruimtecapaciteit van de:instellingen. Enige tijd geleden kwam het minis- terie tot de conclusie dat de instellin- gen over enige tijd zo’n 30 procent te veel ruimte zouden hebben.

CvB-voorzitter Campagne
voor de Campusvoorzieningen heb- ben de afgelopen maanden gerea- geerd op enerzijds een eerste notitie, die eind vorig jaar nogal wat stof deed opwaaien, anderzijds op de commentaren die van diverse zijden bij het college zijn binnengekomen. Volgens het CvB zijn alle vraagte- kens over en bedenkingen tegen de inhoud van het eerste stuk, dat vol- gens voorzitter Campagne overigens niet anders bedoeld was dan ’een steen in de vijver, die een zwaardere plons gaf dan was voorzien’, wegge- nomen. ’Uit onze eerste formulerin- gen zijn andere conclusies getrokken dan onze bedoeling was. Onze bood- schap kwam niet over. We hebben al te impliciet als bekend verondersteld dat de UT in aard en opzet een wetenschappelijk instituut is en dat ook wil blijven. We hebben in twee- de instantie nog eens precies uiteen-


gezet wat onze ideeen over de toe- komst van deze universiteit zijn. Uit de gesprekken kwam steeds naar voren dat men het in essentie met ons eens is. Er is sprake van consen- sus. Iedereen denkt nu construktief mee’.
De nota, die naar de afdelingen is ge- stuurd, moet leiden naar het Strate- gisch Plan van de UT. Het streefpro- fiel van de universiteit staat nu strak op papier. De UT wordt omschreven als een universiteit voor technische en _ maatschappijwetenschappen, met een vervlechting van deze twee kernen in het onderwijs, zijn kracht zoekend in vernieuwend, strategisch en vaak multi-disciplinair onderzoek en wetenschappelijk doch in belang- rijke mate beroepsgericht onder- wijs. De UT moet ook streven naar hoge kwaliteit in onderwijs, onder- zoek en dienstverlening en open- staan voor invloeden van buitenaf, een campusuniversiteit zijn, alsme- de een cultureel, wetenschappelijk en onderwijskundig centrum dat door zijn kwaliteit, omvang en natio- naal en internationaal aanzien een sterke regionale uitstraling heeft. Tenslotte dient de UT gericht te zijn op groei in studenten, groei in on- derzoek en streven naar een groter onafhankelijkheid van de overheid.



Informatiesysteem op school, 3

w


Ouderschaps verlof
rond voor de zomer
De regeling voor ouderschapsverlof, die in oktober aangekondigd is, be- gint vaste vormen te krijgen. Een ju- ridisch medewerker buigt zich mo- menteel over het voorstel om de zaak juridisch waterdicht te maken en alle haken en ogen eruit te halen. Naar verwachting wordt het voorstel medio april ingediend bij het OPUT, het overlegorgaan van vakbonden en CvB over personeelsaangelegen- heden.
Gaat het OPUT akkoord met de regeling en met name de rechtsposi- tionele kanten van het voorstel, dan kan de regeling, aldus J.Piek (Perso- neel & Organisatie), ’een week daar-

Kunst in de vijver
Dinsdagmorgen is de ’Bubus’ in de TW-vijver te water gelaten. Het ob- ject, een bolle kubus, is medio °86 vervaardigd door beeldend kunste- naar Ruurd Hallema uit Hengelo (geassisteerd door Eric Consten) voor de ’Expo op de Vecht’, een drij-
vende tentoonstelling op de Salland- se rivier die in de zomer van dat jaar werd gehouden. De UT heeft het werk in bruikleen gekregen via gale- rie Polder in Borne en hoeft alleen de kosten van het installeren te beta- len.
_ Volgens Hallema lag zijn Bubus al
een tijdje in een van de Hallen, maar wegens de winterse omstandigheden van de afgelopen tijd was een defini- tieve plaatsing er nog niet van geko- men. Ook dinsdag waren de omstan- digheden voor de tewaterlating niet optimaal, maar ten koste van koude voeten, handen en oren werd het karwei in de loop van de ochtend toch succesvol geklaard.
Over zijn werk zegt de Hengelose kunstenaar: „In principe werk ik vrij esthetisch; dat is altijd een belang- rijk uitgangspunt voor mij. De Bu- bus is eigenlijk een technisch grapje. Ik heb een roestvrijstalen kubus van 2 bij 2 bij 2 gemaakt en die als het ware opgeblazen met water tot een druk van 60 atmosfeer. Daardoor zijn er bolle vlakken ontstaan en lijkt het alsof het ding van kunststof is, terwijl het echt gemaakt is van milli- meterdik roestvrijstaal”.
De Bubus, met een luchtinhoud van zo’n vijfduizend liter, is op een van zijn punten in het water gelegd en wordt met een anker en gewichten op zijn plaats gehouden.


De Bubus werd dinsdag te water gelaten in de vijver van het TW/RC- gebouw
na bij het CvB liggen en begin mei officieel van kracht zijn.’ Voor de eerste verlofaanvragers gelden over- gangsbepalingen, in die zin dat het verlof versneld kan ingaan (in de regel moet ouderschapsverlof twee maanden voor datum van ingang zangevraagd worden).
De regeling van ouderschapsverlof houdt in dat een UT-werknemer over een periode van zes maanden onbetaald verlof kan opnemen om voor zijn of haar jonge kind te zor- gen. De UT betaalt de sociale pre- mies gewoon door (is 21% van het salaris), maar stelt wel als voorwaar- de dat de ’verlofouder’ in die periode nog (tenminste) twintig uur per week blijft werken. Op deze wijze behoudt de werknemer een deel van zijn of haar inkomen en blijft de band met het arbeidsproces gehand- haafd. De verlofperiode zal, zo blijkt uit het voorstel, geen invloed hebben op promotiekansen, aan- spraken op vakantiedagen en an- ciënniteit.


Bedrijfsarts vertrekt
Zonder dat daar enige ruchtbaar- heid aan is gegeven heeft de bedrijfs- arts Melchior de UT verlaten. De arts past niet in het beeld van de be- drijfsarts zoals de UT en de RBB dat voorstaan. Na Admiraal en Averink is Melchior de derde arts die binnen nog geen tien jaar de UT verlaat.
Zie pagina 4







s
S Ie
di z E i E EES N T E O E z C
Voorbeeld : Klik op de tekst voor meer
Organisatie: Collectie Overijssel locatie Zwolle
 
 
 
 
 
Erfgoedstuk
Scan bij een inventarisnummer
1000 UT Nieuws, 24 (05-03-1987)
Jaargang:
24
Aflevering:
9
Jaar:
05-03-1987
Beschrijving:
Editie 9
Bekijk archieftoegang:
pagina 2
5 maart 1987
universiteitsblad twente
Openstelling campus voor ’andere’ studenten onder enkele voorwaarden
HBO moet nu meer initiatief tonen
Medio februari had een discussie- middag plaats over rapportage van de Projectgroep Openstelling Cam- pus (POC) getiteld „Het experiment in het Buitenbos”. De toen door De- mocraten Drienerlo geuite kritiek en geleverd commentaar worden bij deze nog eens opgesomd en toege- licht. Publiekelijk, omdat dit de op- zet is van de rapportage: ‚„de discus- sie over concrete openstelling en sa- menwerking open te breken en in gang te zetten”’.
Allereerst wil ik de POC nog eens onze instemming betuigen met het genomen initiatief. Een initiatief dat in mijn ogen is voortgekomen uit de bezuinigingsdruk die op de campus uitgeoefend is en dat moet leiden tot het zeker stellen van het bestaans- recht van de campus. Hiermee kom ik meteen tot mijn eerste opmer- king.
Doel
In de rapportage wordt herhaalde- lijk gesproken over principiële ge- lijkheid tussen HBO- en UT-studen- ten als uitgangspunt van de plannen van de POC. De mening van de POC dat het instellen van een HBO-cam- puskaart op kleine schaal de voor- keur verdient boven de verruiming van het CEL/KELk-beleid of het in- stellen van een HBO-kaart op mid- delgrote schaal, strookt niet met dit uitgangspunt. Immers, deze kaart geeft de HBO-studenten toegang tot een beperkt aantal activiteiten en verenigingen op het gebied van sport en cultuur. Hierom kan mijns in- ziens de POC zich niet volledig ver- oorloven om principiële gelijkheid tussen. HBO- en UT-studenten als uitgangspunt te verkondigen. Wèl kan ze principiële gelijkheid als doel beschouwen.
Daarnaast is het de vraag of dit wel gewenst is; de POC merkt zelf al op dit op het gebied van de sport niet mogelijk is vanwege capaciteitspro- blemen. Ten aanzien van cultuur merkte de POC op dat gestreefd dient te worden naar maximale openstelling. Dit zou dan ook in de kaart tot uiting dienen te komen. Maar laten we, genoemde opmer- kingen buiten beschouwing gelaten, ook erkennen dat de hele openstel- lingsrapportage voortgekomen is uit een groot stuk eigenbelang. Name- lijk het veilig stellen van de toekomst van de campus door het verstevigen van de financiële basis wat 0.a. mo- gelijk is door het leggen van contac- ten direct buiten de UT, die het be- staansrecht van de campus verzeke- ren. In deze zin kan de campus een belangrijke voortrekker zijn van het beleid van het College van Bestuur

(ADVERTENTIE)
PROEFSCHRIFT?
B e a IIL staat klaar!
ook voor dissertaties en andere eltel e ES D LS e gespecialiseerd e concurrerend SE ES e e centraal gelegen
Bel: 030-444921 en wij sturen u vrij- blijvend de gratis documentatiemap.
. BTdT d| 4 Elinkwijk BV.
Amsterdamsestraatweg 554 3553 EN UTRECHT UE O a






om onze regionale functie aanzien- lijk uit te breiden.
Toekomst
Noemen wil ik nog de volgende uit- spraak van de Sportraad: „Als een (sport)vereniging eenmaal open- staat voor HBO'’ers en er moet een ledenstop ingevoerd worden, mag er geen onderscheid gemaakt worden tussen HBO en WO. De ledenstop is algemeen”. In deze context kan dus wèl gesproken worden van principië- le gelijkheid tussen HBO- en UT- studenten, maar is het de vraag of deze gelijkheid wel gerechtvaardigd is, als we bedenken dat HBO-stu- denten wel sport als vak hebben en universiteitsstudenten niet. Mocht het vak Lichamelijke Opvoeding echter in de toekomst opgeheven worden, dan ligt gelijkheid meer voor de hand.
De POC ontlokte ons een uitspraak over de openstelling van de campus- huisvesting, namelijk dat DD vóór volledige openstelling is van de huis- vesting. Daar blijven we bij, in te- genstelling tot voorgaande jaren, hoewel er nadrukkelijk wel een voorwaarde aan wordt verbonden. En die voorwaarde is dat er prioriteit wordt verleend bij huisvesting op de campus aan studenten die van „ver” komen. De regeling dat aankomen- de studenten die meer dan tweeën- eenhalf uur moeten reizen, de hoog- ste voorrang krijgen zou dus gehand- haafd moeten worden, evenals de gradatie van reistijd die in deze voor- rangsregeling gehanteerd wordt. Argument hiervoor is dat de reik- wijdte van de aantrekking van de UT groter is dan die van de HBO-instel- lingen en dat de aantrekking van de UT naar onze mening niet vermin- derd dient te worden door het hante- ren van een voorrangsbeleid. In de praktijk houdt de voorwaarde in dat in de allereerste plaats aankomende UT-studenten een kamer aangebo- den krijgen.
Pas wanneer we in de regio gaan kij- ken (reistijd korter dan anderhalf uur ) kunnen we stellen dat de HBO- studenten „concurrerend” gaan wer- ken ten opzichte van in de regio wo- nende UT-aspiranten. Juist dit nu is wat we willen, want op deze manier kan de UT echt van belang voor de regio worden. Dat mag ook wel als we in de gaten houden dat alleen de HBO-instellingen in Enschede en Hengelo al zo’n 9000 studenten tel- len tegen zo’n 5300 studenten aan de UT. Overigens wordt in de rapporta- ge opgemerkt dat een kleine 50% van die Enschedese HBO-studenten op kamers woont; volgens de gege- ven getallen is dit eerder 40%, tegen 75% van de eerstejaars UT-studen- ten.
Financiering
Een onduidelijk gebleven punt is nog de financiering. De POC geeft zelf al aan dat er gezocht moet wor- den naar mogelijkheden om samen met het HBO de gewenste uitbrei- ding van bureau studentenpsycho- loog te realiseren. Hoeveel zou het HBO hieraan moeten bijdragen? En kan ze dit? Of moeten vooral midde- len van de UT aangewend worden om tot uitbreiding over te kunnen gaan? Ditzelfde geldt voor de cam- pusvoorzieningen. Het is niet zo dat
De openstelling van de campus mag niet een eenzijdige maatregel zijn, die niet wordt gedragen door het HBO.
de HBO’ers met hun campuskaarten hun gedeelte van de voorzieningen betalen. In dat totale bedrag zit een bijdrage van de UT.
Ook onduidelijk is nog gebleven de inbreng van de gemeentes, en dan met name de gemeente Enschede. In hoevere kan zij een effectieve bij- drage leveren aan regioprofilering van de campus? Maar eerst: hoe kan de belangstelling van de gemeente voor de campus opgewekt worden? Dit punt verdient zeker nog de aan- dacht van de planners.
Behoefte?
Tot slot doemt de vraag op in hoe- verre het HBO zelf behoefte heeft aan samenwerking met de UT. De uitspraak dat die behoefte blijkt uit de aanwezigheid van HBO-verte-
w

genwoordigers in de POC, zegt ons niet genoeg. Deze mensen zijn ge- vraagd. In hoeverre kàn het HBO, druk fuserend en onderling aanslui- ting zoekend, aandacht besteden aan samenwerking. In hoeverre heeft ze, naast de financiële midde- len, op dit moment de tijd er voor? We moeten denk ik er voor waken dat we niet bezig zijn met het te vroeg kweken van (niet gewenste) behoeften. Aan de andere kant moe- ten we natuurlijk ook niet bang zijn om eens onze nek uit te steken. Maar het HBO zou zelf ook eens meer ini- tiatief moeten tonen. Dàn kan er van werkelijke samenwerking gespro- ken gaan worden en ligt openstelling meer voor de hand. Eenzijdige initi- atieven om ons als (campus)univer- siteit te profileren ten opzichte van andere universiteiten kan ons anders wel eens meer gaan kosten dan dat het oplevert.
Namens de studentenfractie van DD, René Venendaal.

Informatica- propedeuse
Er is een gerede kans dat de UT in september een studierichting Infor- matica in Leeuwarden zal gaan ver- zorgen. De fakulteit INF heeft deze week besloten haar medewerking aan de Friesland- propedeuse te ver- lenen. Het wachten is nu op de instemming van de HTS-Leeuwar- den: de colleges worden in het HTS- gebouw gegeven, en het merendeel van de colleges komt voor rekening van HTS-docenten in Leeuwarden. ’Wij leveren het collegemateriaal’, licht onderwijsdekaan K. de Jonge, toe. ’Dat is hetzelfde materiaal als de propedeuse-studenten in Twente krijgen. Daarnaast verzorgen wij de coördinatie, de begeleiding van do- centen en studenten, en het mento- raat; en wij zijn natuurlijk verant- woordelijk voor de onderwijs- en tentamenresultaten.’
Voorbeeld : Klik op de tekst voor meer
Organisatie: Collectie Overijssel locatie Zwolle
 
 
 
 
 
Erfgoedstuk
Scan bij een inventarisnummer
1000 UT Nieuws, 24 (05-03-1987)
Jaargang:
24
Aflevering:
9
Jaar:
05-03-1987
Beschrijving:
Editie 9
Bekijk archieftoegang:
universiteitsblad twente
5 maart 1987
pagina 3
Onderwijskunde en Informatika werken aan SCHOLIS- project
Schoolleiding kan met informatie- systeem eindelijk echt beleid voeren
(door Ria Boelens)
'Op grote scholengemeenschappen, die je toch onder- hand met een flink uit de kluiten gewassen bedrijf kunt vergelijken, worden heel wat belangrijke beslissingen ge- nomen op basis van gebrekkige informatie. Zaken als intuïtie, vermoedens en ervaring geven veelal de door- slag, terwijl het ook achteraf nauwelijks mogelijk is de kwaliteit van de beslissing objectief te beoordelen. Er blijkt op scholen een enorme behoefte aan het gebruik van de computer, zowel op het administratieve vlak als voor de management-ondersteuning. Wat er aan software te koop is, komt het amateuristisch stadium vaak nauwe- lijks te boven. Er is veel meer mogelijk.’
Aan het woord 1s drs. Ádrie Visscher van Toegepaste Onderwijskunde, samen met drs. Leo Essink van In- formatica de drijvende kracht achter SCHOLIS, een project, waarin de UT, samen met het Centrum voor Onderwijs en Informatietechnologie (COI), een schoolinformatiesysteem ontwikkelt. Het ministerie van On- derwijs en Wetenschapen heeft voor het project tot januari ’89 een bedrag van ruim een miljoen gulden be- schikbaar gesteld.
Drie ’experimenteerscholen’in de regio verlenen hun medewerking aan het project: de Rijksscholenge- meenschap Erasmus in Almelo, het protestant- christelijke Ichthus-col- lege en de gemeentelijke Scholenge- meenschap Zuid, beide in Ensche- de. De laatste school heeft voor de duur van het project één van zijn conrectoren, i. Jan Vervoort, als projectleider voor de helft van zijn tijd 'uitgeleend’ aan de UT.
Ondersteuning
Wat maakt het SCHOLIS-project zo bijzonder dat minister Deetman maar liefst een miljoen gulden beschikbaar stelt?
Essink: ’We werken aan een geïnte- greerd systeem, waardoor niet al- leen de efficiency in de scholen ver- beterd kan worden, maar ook met name het schoolmanagement onder- steuning krijgt. Wat er in de afgelo- pen zeven, acht jaar op de markt is
gekomen zijn soft-warepakketten, die niets anders doen dan het auto- matiseren van wat tot dan toe op scholen met de hand werd gedaan. Dat wil zeggen: de bestaande situa- tie werd geoptimaliseerd. Maar meer beleidsontwikkelende aktivi- teiten blijven achterwege omdat ze alleen handmatig verricht kunnen worden en daardoor te arbeidsinten- sief zijn’.
Volgens Essink heeft zich in bedrij- ven al eerder eenzelfde ontwikkeling voorgedaan: daar vond eerst een grootschalige automatisering van het administratieve werk plaats. Pas daarna is men zich meer gaan richten op de ondersteuning van het mana- gement.
Waar het volgens Visscher en Essink aan ontbreekt is een overkoepelen- de fundamentele informatie-analy- se. De school als organisatie dient in zijn totaliteit in kaart te worden gebracht, waarbij wordt nagegaan welke informatieverwerkende pro- cessen zouden moeten plaats vinden en welke daarvan met de computer zinvol te ondersteunen zijn. Voor softwarehouses is een zo’n arbeids- intensief karwei te kostbaar en te ris- kant. Bovendien blijkt elke school weer anders georganiseerd te zijn en is het niet goed mogelijk om de huidige systemen -in de derde gene- ratietalen zoals BASIC en COBOL ontwikkeld- af te stemmen op de specifieke wensen van elke school.
De onderzoekers Essink (L.) en Vis- scher
Essink:’ Wij ontwerpen een school- informatiesysteem voor de toekomst in de vierde generatietaal ORA- CLE, waarbij we ons niet willen laten beperken door de hardware die er op dit moment is: we gaan er van- uit dat de scholen over een aantal ja- ren de beschikking krijgen over krachtiger apparatuur. De overheid zal moeten inzien dat ze meer geld moet investeren in de automatise- ring op scholen.’
Essink en Visscher zien zichzelf als de ontwikkelaars van de derde gene- ratie informatiesystemen voor het onderwijs. De eerste generatie ken- merkte zich volgens hen door klun- geligheid en puur hobbyisme en be- stond goeddeels uit enthousiaste do- centen. De tweede generatie zijn de leveranciers die op dit moment de - op zichzelf niet slechte- program- ma’s aan scholen leveren.
De derde generatie systemen ken- merken zich door het feit dat ze gebaseerd zijn op een fundamentele informatieanalyse en door een sterk accent op de managementonder- steuning. Bovendien is de centrale gegevensbank op meerdere plaatsen

tegelijk toegankelijk. Het wordt een systeem waarbij de eindgebruiker met een vrij gemakkelijke taal vrij- wel onbeperkt vragen kan stellen aan het systeem, met name het on- derzoeken van relaties tussen varia- belen.
Belang
Wat is het belang van de faculteiten TO en Informatica bij het project? Essink: ’We willen een normatief model voor de toekomst maken: als we een heel goede databasedefinitie hebben ontwikkeTd kuninen softwa- releveranciers hun producten daar- op aanpassen. Het maken van zo’n uitgebalanceerde definitie is heel complex. Binnen de UT hebben we een club die zowel op onderwijsor- ganisatiegebied als in de informatica deskundig is. Ideaal dus.’
Verder zijn er natuurlijk onder- zoeksbelangen. Zo is TO geïnteres- seerd in de vraag welke informatie- stromen en informatieverwerkende processen er in scholen een rol spe- len. Visscher: ’Daar is praktisch geen literatuur over. Bovendien wil TO weten wat het effect is van deze systemen op scholen. We gaan on- derzoeken in hoeverre het funktio- neren van schoolorganisaties, in ter-
men van efficiency en effectiviteit, verbeterd kan worden door ons sy- steem.’
Essink over het onderzoeksbelang van Informatica: ’Het maken van een fundamentele informatieanalyse in een organisatie is iets waarmee veel wetenschappers zich bezighou- den. Daar zijn in de loop der tijd diverse methoden voor ontwikkeld. Aan de UT hebben we ook gewerkt aan een methodiek voor informatie- systeemontwikkeling. SCHOLIS biedt ons de unieke kans om in zo’n groot en complex project de toepas- baarheid en de effectiviteit van de methode te toetsen. Interessant is ook dat dit een gebied is waarbinnen verschillende soorten computertoe- passingen een rol spelen. Tenslotte- ook niet onbelangrijk- gebruiken we vierde-generatiehulpmiddelen. Het geld daarvoor en de ervaring die we er mee opdoen is natuurlijk ook van groot belang voor Informatica’.
Nieuwe organisatie
Visscher: ’In feite ontwerpen we met SCHOLIS op een aantal punten een nieuw soort schoolorganisatie. Met minder papier-rompslomp, zodat de schoolleiding meer tijd overhoudt voor werkelijk beleid en daarbij on- dersteund wordt door relevante be- leidsinformatie, waarovêr men vroe- ger niet kon beschikken.’
Essink: Ik ben er van overtuigd dat we in staat zijn om een goed systeem te maken. Waar ik niet zo van over- tuigd ben is dat het systeëm ook daadwerkelijk effectief zal blijken te zijn; als de schoolorganisaties niet de mogelijkheid krijgen van het minis- terie om hierin goed opgeleid te worden, zakt alles misschien als een plumpudding in elkaar. De scholen zijn inmiddels uitgemergeld tot op het bot. Dat kan niet langer zo door- gaan. De overheid moet inzien dat de kwaliteit van het management en de informatievoorziening wel dege- lijk invloed hebben op de kwaliteit van het onderwijs. En ze moet er voor zorgen dat de opleiding van de schoolleiders beter wordt. Wij kun- nen ze met het SCHOLIS-project een deel van het concrete instrumen- tarium leveren.’

Scholengemeenschap Zuid in Enschede, een gemeentelijke school voor MAVO, HAVO en Atheneum, is één van de drie scholen die meedraait in het SCHOLIS-project. Eerder al kwam de school in het nieuws ( 0.a. Jeugdjournaal en Brand- punt) vanwege het ’Absentie Re- gistratie Systeem’ (de ’spijbel- computer’), dat een eenvoudig onderdeel van SCHOLIS is.
Rector drs. Harry de Groot: ’ Als schoolleider moet je snel over alle gegevens kunnen beschikken om beleid te kunnen voeren. Ik wil niet afwachten hoe iets zich vanzelf ontwikkelt, ik wil zelf meedenken. Maar dan heb ik wel het juiste gereedschap nodig. En dat is één van de dingen die ik van SCHOLIS verwacht. De school is een soort bedrijf en het leiden van een school moet steeds be- drijfsmatiger worden aange- pakt’.
Voorbeeld : Klik op de tekst voor meer
Organisatie: Collectie Overijssel locatie Zwolle
 
 
 
 
 
Erfgoedstuk
Scan bij een inventarisnummer
1000 UT Nieuws, 24 (05-03-1987)
Jaargang:
24
Aflevering:
9
Jaar:
05-03-1987
Beschrijving:
Editie 9
Bekijk archieftoegang:

pagina 4
5 maart 1987
Vorstman bij zijn afscheid:
’Kwaliteit verkeer
laat te wensen over’
’'De kwaliteit van het verkeer laat veel te wensen over. Wie het verkeer beschouwt als een produkt, en kwa- liteitscriteria op het verkeer loslaat zoals die gelden voor ieder ander produkt of dienst, kan niet anders dan erkennen dat er nog heel wat werk verricht moet worden om het dienstverlenende proces van het ver- keer tot een beheersproces te maken.’
Met deze woorden nam prof.ir. H.R. Vorstman (BK) vorige week vrijdag afscheid van de UT. Het onderzoeksterrein van Vorstman, buitengewoon hoogleraar Organisa- tiekunde, lag op het terrein van de beheersing van processen en de daaruit resulterende kwaliteit van produkten of diensten. In zijn af- scheidscollege nam de hoogleraar de kwaliteit van het wegverkeer onder de loep.
De problemen met het wegverkeer komen volgens Vorstman voor een deel voort uit het verschil in opvat- ting dat overheid en weggebruiker hebben over het ’produkt’ verkeer. De consument-weggebruiker is geïn- teresseerd in een goede doorstro- ming, in de mogelijkheid tot ver- plaatsing zonder hindernissen; de producent-overheid streeft hoofdza- kelijk naar veiligheid en treft daar- toe allerlei maatregelen die de door- stroming schaden, irritatie opwek- ken bij de gebruiker en daardoor indirect dikwijls de veiligheid scha- den. Vorstman noemde tal van voor-

Benoeming. Binnenkort is de benoe- ming te verwachten van dr.ir. H.J. Grootenboer tot bijzonder hoogle- raarin de Biomechanika (WB). Het wachten is nog op de formele goed- keuring door het Universiteitsfonds. De nieuwe leerstoel wordt onderge- bracht bij de Vakgroep Grondslagen en zal nauw samenwerken met de leerstoel Technische Mechanica. Zoals te doen gebruikelijk is de leer- stoel Biomechanica eerst ingesteld voor een periode van drie jaar, waar- na verlenging mogelijk is.
beelden: snelheidsbeperkingen op autowegen, opzettelijke rijbaan- versmallingen, betonnen paaltjes, bollen en andere obstakels, een ont- moedigend stoplichtenbeleid ('groe- ne golf nooit van gehoord; als er al sensoren zijn, zijn die zo ingesteld dat de weggebruiker tóch eerst moet afremmen’), een twijfelachtig filebe- leid (’alternatieve doorstromings- routes worden afgesloten door de politie: je mág geen voordeeltje heb- ben, iedereen moet in de filefuik’) en een algehele afwezigheid van lande- lijke normen (bijvoorbeeld inzake advieskruissnelheden of minimum wegbreedtes voor busverkeer). Vorstman: ’Er is geen gebruiker- stest, of enige andere vorm van con- trole om te meten hoe het staat met de tevredenheid of ontevredenheid van klanten, de faalkosten, klachten of de noodzaak tot bijstelling. Er zijn geen alternatieven voor de ge- bruiker: het vliegtuig is te duur; het openbaar vervoer niet fijnmazig ge- noeg; en de fiets is, gezien de grote afstanden, vaak te langzaam.
’De verantwoordelijkheid van de weggebruiker tenslotte wordt gro- tendeels uitgehold door overregule- ring (het onzinnige aantal stoplich- ten), ongeloofwaardige regulering (onzinnige _ maximumsnelheden), onvoldoende opvoeding (de over- heid stelt dat de automobilist genoeg kennis van het ’proces’ heeft omdat er zoveel mensen zakken voor het rijexamen!) en nauwelijks controle (op rijden-door-rood-licht, doorrij- den na een ongeluk, het hebben van een W.A--verzekering, en de staat van het voertuig).’
Al met al ligt er een taak voor bedrijfskundigen, zo besloot Vors- tman zijn college, 'om de overheid te doen inzien dat zij verkeerde maat- staven aanlegt voor de kwaliteit van het verkeer. Het is een lange weg voordat het verkeer een beheerspro- ces zal zijn.’
Professor Vorstman nam niet overi- gens nog niet voorgoed afscheid van de UT. Komend jaar zal hij, bij afwezigheid van een opvolger, nog één dag per week de vakgroep ko- men versterken om lopende projec- ten af te ronden, en afstudeerders en promovendi te begeleiden.

H.R. Vorstman

Friezen naar UT
Komende week komen veertig Frie- se eerstejaarsstudenten voor een tweedaags bezoek op de campus. Sinds september 1985 bestaat de mo- gelijkheid in Leeuwarden het Twentse propedeuseprogramma te volgen voor de studierichtingen CT, EL, TN, TW en WB. Friese studen- ten kunnen dan een jaartje wennen aan het universitair onderwijs, voor ze de overstap maken naar het Ne- derlandse volksdeel.
In het hoge noorden ontberen zij echter de andere aspecten van het studentenleven: het HTS-gebouw waarin ze de colleges volgen, biedt geen campus, studentenverenigin- gen, Bastille of Broodje Cultuur. Om die reden hebben de studievere- nigingen van de vijf fakulteiten in kwestie, de handen ineengeslagen om de Friese eerstejaars een intro- ductieprogramma aan te bieden. De Friese eerstejaars arriveren donder- dagavond 12 maart. Na een maaltijd in de Bastille en een rondleiding door de Vrijhof, worden ze opge- haald door de UT-studenten bij wie ze zullen blijven slapen, voor een lange avond in verbroederende sfeer. j
Vrijdag verzorgen de studievereni- gingen het ochtendprogramma, ’s middags volgt een rondleiding in het sportcentrum en een rondrit per bus over de campus, waarna de Twente- dagen op passende wijze afgesloten worden met een borrel in Kleintje Vestingbar en een maaltijd in de mensa.

Vanrapp
e
oftftotprôe

hri
Copyprint2000 druktalles! _.
Snel, perfekt en ook nog 's erg voordelig.

Aan de Elferinksweg in Enschede staat ’n bedrijf, _ waar u met al uw drukwerk- en kopieerwensen
terecht kunt.
Copyprint 2000 verandert al uw opdrachten in
Foto's, tabellen en grafieken worden vlijmscherp meegedrukt. Desgewenst verzorgen wij ook het
zetwerk voor u. Wij werken daarbij erg snel. Zodra
perfekt drukwerk. Of 't nu gaat om een proefschríft,
een rapport, periodiek doet er niet toe. Wij zorgen er voor dat u voliedig tevredengesteld
wordt. Zowel wat de kwaliteit betreft als wat prijs en levertijd aangaat.
Alles kan bij ons.
Of 'tnu gaat om 100 tweezijdig gedrukte exemplaren; dan wel het drukken van 200 rapporten van 142 pagina's. Wij doen het voor u. En goed.
u een opdracht heeft, gaan wij aan de slag.
Bel ons nu voor 'n vrijblijvende offerte. Dank zij een geavanceerd machinepark zijn wij n
staat razendsnel en erg f voordelig te werken. | Neemt u de proef op de som. Belt u ons en informeer
HEldVUK_
vrijplijvend naar prijzen en
mogelijkheden. Wie één keer met Copyprint 2000 gewerkt heeft, merkt
Elferinksweg 2-4 7545 KG Enschede Tel. 053-318077
gauw genoeg, dat wij niets teveel beloofd hebben.

universiteitsblad twente
Te aimabele Melchior vertrekt met spijt
Bedrijfsarts E. Melchior (61) heeft met ingang van deze week de UT verlaten. Zijn werkgever, de Rijks Bedrijfsgezondheids- en Bedrijfs- veiligheidsdienst (RBB) zal hem vervangen door een collega ’die wat meer vertrouwd is met de moderne- re inzichten op het gebied van de be- drijfsgeneeskunde’. Het is nog onbe- kend wat Melchior, die weliswaar VUT-gerechtigd is, maar daar nog weinig voor voelt, binnen de RBB zal gaan doen.
Het vertrek van Melchior, die vanaf 1981 bij de UT heeft gewerkt, bete- kent dat er een andere wind zal gaan waaien op het gebied van de be- drijfsgeneeskunde binnen de UT. Volgens CvB-voorzitter Van Looke- ren Campagne is deze tak van de ge- neeskunde in de afgelopen jaren uit- gegroeid van een controlerende funktie tot een medisch specialisme, waarbij de wisselwerking tussen de belangen van de organisatie en die van het individu vooropstaat. Binnen de RBB is inmiddels een reorganisatie nagenoeg voltooid, die voornamelijk tot doel heeft bedrijfs- artsen beter dan vroeger te onder- steunen in hun taak ten behoeve van

Kijk-Sport Sportfestiviteiten die geen UT-er mis- sen mag.
Zaterdag 7 maart
Aziatische sporten: Competitiewed- strijd eerste team Arashi. Sportcen- trum, 19.00 uur.
Voorbeeld : Klik op de tekst voor meer
Organisatie: Collectie Overijssel locatie Zwolle
 
 
 
Pagina: 1
  • vorige | 
  • 1 | 
  • 2 | 
  • 3 | 
  • 4 | 
  • 5 | 
  • 6 | 
  • 7 | 
  • 8 | 
  • ... | 
  • volgende